Een trein verder, Brussel

IMG_0927Na ons verblijf in de Gelderse Achterhoek heb ik met al mijn dochters in Arnhem de trein gepakt naar Roosendaal. Op het perron moeten we een struise moeder met kind in buggy in het Duits vertellen dat de trein naar Düsseldorf van 12:45 is komen te vervallen en dat de volgende trein een uur later zal vertrekken. Ze weigert de boodschap te accepteren aangezien ze geplaceerde kaartjes heeft voor de trein van 12:45 en de daarop aansluitende trein naar Frankfurt. De (vermoedelijke) vader van het kind komt even later bij ons staan terwijl de vrouw hem schuldbewust in het gebroken Duits vertelt over de vertraging. De man, die een kop kleiner is dan zijn partner, kijkt als een op zijn ziel getrapte schooljongen, met een nietsverhullende grimas naar de natgeregende treinrails. Ik begrijp haar angst, maar ik wens me er verder niet mee in te mengen en stel de kinderen voor nog even naar de baguetterie te gaan voor een broodje met frisdrank.
Een half uur later rijden we in de stromende regen de Arnhemse Vallei uit richting Nijmegen. De kinderen zijn uitgelaten en ik tracht wederom enkele regels uit mijn vakantiefilosofieboekje te lezen: “Sommigen zijn in hun vrije tijd drukbezet! In hun buitenhuis, op de bank, in volle eenzaamheid, hoe ver ook van iedereen vandaan, zitten ze zichzelf in de weg. Dat is geen ‘leven in rust en vrijheid’, nee, ‘luie activiteit’ is hier de juiste term.” (Seneca, De lengte van het leven).
Bij Tilburg herkent de oudste een terrein waar ze enkele jaren geleden een dancefeest heeft meegemaakt. In Roosendaal stappen we over op het kille perron waar we al zo vaak hebben gestaan als we naar België gingen. Fabienne gaat snel op zoek naar de rookpaal terwijl de overblijvers in de abri wachten totdat ze terugkomt. Een gezelschap, bestaande uit drie gesluierde vrouwen uit Zuid-Oost Azië en een modern gekleed mannelijk familielid wachten even verderop, al selfie-schietend op de trein naar Brussel Zuid. Als de trein, een tiental NS-wagons getrokken door een Belgische locomotief, via de juiste wissel het spoor gevonden heeft waaraan ons perron gelegen is beginnen de mensen te wandelen. Aangezien we een behoorlijk aantal tassen en koffers bij ons dragen blijven we nauwkeurig op onze plek staan. De Aziaten blijven in onze nabijheid en zo gebeurt het dat we met ons achten achter elkaar in twee bij twee naast elkander gelegen zitjes belanden. Een voor een draaien de gesluierden op het hoogste volumeniveau een filmpje af op hun smartphone. Ik kijk over de hoofdsteun met een van hen mee en vang de beelden van een boottocht in een jacht op een van de Friese Meren of de Loosdrechtse Plassen en even later een spelende gitzwartgelokte peuter in het zand.
Af en toe komt er een op hoog volume verspreid fel geluid uit een van de overige smartphones. De medereizigers reageren gelaten, net zoals wij. We weten dat we elkaar na deze trip waarschijnlijk nooit meer zullen zien.
Als we arriveren op Brussel Centraal hebben we de gesluierde Aziaten inmiddels achter ons gelaten (ik vermoed in Antwerpen) en lopen we vermoeid, een aanzienlijk aantal kilo’s bagage meetorsend en grote aantallen verwarde en eveneens vermoeide toeristen omzeilend naar het metrostation. Bij Simonis, de eindhalte van metrolijn 2, moeten we eruit. Daar bevindt zich onze jeugdherberg. We lopen de Wapenstilstandstraat in en signaleren al vrij snel aan de linkerkant de oranje lichtbak aan de muur van onze bestemming. Een meisje dat amper ouder is dan mijn oudste dochter schat ons in als twee volwassenen en twee kinderen en bekijkt onze reservering. We ontvangen twee setjes magneten en sleutels waarmee we ons de toegang kunnen verschaffen tot onze tijdelijke woonruimte. Deze blijkt zich een pand honderd meter verderop en twee verdiepingen hoger te bevinden. Een straat in een buitenwijk van Brussel nabij het Parc Elisabeth en de Boulevard van de Foute Koning.
Even later zitten we, na een kort bezoek aan de nabijgelegen supermarkt, in onze vierpersoons jeugdherbergkamer en stippelen we de route uit voor de dagen erna. Een gratis tour via de Viva Brussels tour spreekt vader wel aan. Het Atomium, de Grote Markt, het Koninklijk Paleis, de Kathedraal en Manneken Pis, een wafel, een chocolaterie…ja, het staat allemaal genoteerd. Vanuit het geopende raam klinkt om elke vijf minuten het geluid van de voorbijrazende metro dat ontsnapt uit de voor ons verborgen roosters, af en toe overstemd door de sirenes van voorbijrazende politie- en ambulancewagens. Ik laaf me aan een flesje Triple van brouwerij de Postel. Het platteland is inmiddels ver weg en ik geniet van het ritme van de stad.

Advertisements
This entry was posted in jazz, music, Persoonlijk, persoonlijk and tagged , , , , , . Bookmark the permalink.

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s