De dag dat moeder terugkwam

imageNa alle ellende van kerstavond is het me gelukt de eerste kerstdag ongeschonden door te komen. Een dag in bed met een boek is ook lekker. Een kinderhand is snel gevuld.

Als Mies om half drie uit bed gaat om naar de wc te gaan ziet ze in de huiskamer de handtas van haar moeder liggen. Een tas met een gevulde beurs en andere relevante zaken erin. Ze neemt de telefoon ter hand en toetst het nummer van haar ouders in. “Mam, ik heb hier nog iets van je.” zegt ze, zich verontschuldigend. Moeder, die net een autorit van anderhalf uur achter de rug heeft besluit een dag later terug te keren om haar tas te halen. “Dan heb je je ouders toch nog beide kerstdagen gezien.” roep ik door de gang. “Pfft, mag ze morgen twee keer door de storm over de afsluitdijk.”, roept Mies terug. “Ik moet er niet aan denken.” zeg ik, die nog nooit een stuurwiel in mijn handen heb gehad, als Misja weer naast me in bed schuift “Ik ben er nog niet helemaal. Ik ben nog kotsmisselijk.” zegt ze en ze  verplaatst mijn hand van haar buik naar mijn kussen. “Laat me maar even met rust.” spreekt ze hees voordat ze haar ogen sluit. “Ik laat ook altijd iets liggen bij iemand die ik leuk vind. Dan kun je nog een keertje terugkeren.” fluister ik plagend in Misja’s oor “Hmmm, nu maar lekker slapen.” zegt mijn katerige katje. Ik ben echter geenszins van plan om te slapen en pak een boek, een feuilleton van Hella Haasse. Een verhaal over een jonge, vrijgezelle, noodlijdende journalist van adel die op Sinterklaasavond een pakketje van een onbekende ontvangt.  “En daar begint het avontuur.” hoor ik Haasse zelfvoldaan zeggen als ze tevreden haar laatste letter van de eerste episode op papier tikt. Even later is het al half vijf. “Zullen we nog even naar de suup gaan?”  vraag ik Misja. “We hebben toch niets nodig?” antwoordt ze kribbig. Haar ogen zijn nog gesloten en ze draait zich om alsof ze de slaap wil hervatten. “Een maaltijd, toiletpapier, eten voor de katten?” werp ik tegen. “Nou goed” zegt het wicht met tegenzin en stapt onvoorzichtig haar bed uit en plaats haar tere voetje op een kunststof klerenhanger die onmiddellijk breekt.

We fietsen het centrum door. Het is stil op straat. De wind loeit om onze oren en het is onmiskenbaar te warm voor de tijd van het jaar. “Ik zag zojuist een hazelaar in bloei staan.” schreeuw ik in Misja’s oor. “Ik versta er niks van, fiets nou maar door.” reageert ze met luide stem en ik vraag me gelijktijdig af waarom Misja mij niet verstaat en ik haar wel. Het is donker. We fietsen langs de, in 1929 om het pandje van apotheek Pigge heen gebouwde, V&D-moloch aan de Gedempte Oude Gracht. “Vergane glorie!” schreeuw ik doelgericht naar Misja’s luisterorgaan. “De dwerg die de reus verslaat!” schreeuwt Misja terug, doelend op de succesvolle apothekersfamilie die weigerde te vertrekken voor het warenhuis. De Albert Heijn is inderdaad geopend. “Ik pleur die fiets gewoon tegen de gevel, kan mij het bommen.” roept madam terwijl ze haar fiets ruw tegen de muur gooit. De stad voert de strijd om kerst, maar  wij prefereren een bezoek aan de Albert Heijn boven het ongemak van de conventie. Ik haal een kant- en klaarmaaltijd boerenkool met worst uit de vitrine en Misja trekt een stokbrood uit de mand. “Stuk kaas erbij en niks meer aan doen.” zegt ze terwijl ze een stuk oude kaas in haar mond propt. “Nadorst, even een pak melk halen.” vervolgt ze en ze pakt een tweelitercan halfvolle melk uit de koeling. Ze draait de dop om en zet de opening van de melkfles aan haar mond. “Nu niet meer terugzetten he?” vraag ik haar verwachtingloos. Ze werpt de melkfles in het mandje. “Nee, ik wil thuis ook nog wel wat.” zegt ze en we lopen naar de kassa. De kassajongen wijst Misja op zijn lip. “Wat?” vraagt ze ongeduldig. “U heeft melk op uw bovenlip.” zegt de jongen die er in de kerstkleding van de Albert Heijn, zijn krullen en rode neus uitziet als Pipo de Clown. “Dank voor deze attentie.” zegt Misja en veegt plichtmatig de melk aan de mouw van haar jas. IMG_0556

Als we thuis zijn verdwijnen we elk in onze bezigheid. Misja heeft haar televisie, ik verberg me achter het computerscherm. De dag verglijdt en eerste kerstdag 2015 behoort tot de geschiedenis. Na een rusteloze nacht is  de dag van de Terugkomst aangebroken. Tweede Kerstdag. Ik draai me van Misja’s snurkende lijf af en zie op de wekker dat het inmiddels half tien is. “Je moeder lieverd. Hoe laat komt ze?” vraag ik luid. Misja schrikt wakker. “Hoe laat is het? Twaalf uur komt ze.” stamelt ze. “Dan heb je nog tweeeneenhalf uur voor de boeg.” antwoord ik en ik draai me weer om richting Misja. Ik betast haar. “Nee, nu niet, ik voel me nog net zo als gisteren.” zegt ze geërgerd en ze stapt het bed uit, deze keer zonder een klerenhanger te breken. “Geef je zelf maar een slinger als je zin hebt in seks, ik stap even onder de douche om mijn haren te wassen. Koffie?” “Ja, doe maar.” antwoord ik vol onvervuld verlangen en ik richt me op in bed om een boek te pakken. Dan maar weer lezen. Misja brengt me koffie en gaat even later naar de badkamer. Als ze een half uur later in haar naakte roze geboende lijf en met natte haren de slaapkamer de kamer binnentreedt ben ik mijn lust al weer kwijt. Ik lees. “Je bent ook best een lui varken he?” zegt het wicht. Ik kijk verbouwereerd in haar richting, zonder haar ogen te zoeken. “Oh, dat is zeker tegen het zere been van meneer?” reageert ze zonder mijn antwoord af te wachten. Ze trekt de kledingkast leeg op zoek naar die beige-bruine glitterbroek die ze vandaag graag wil dragen. Ik kan geen medelijden opbrengen. “Nu nog twee uur. Ik zou maar wat opschieten. We hebben niks gegeten en jij staat maar naar kleren te zoeken terwijl je kast er vol mee hangt.” Nu kijkt Misja pissig. Ze slaat de kastdeur dicht. In haar hand heeft ze de gezochte broek.

Even na twaalf uur arriveert ze. Onze kerstengel. Ik zet een klassiek muziekje op. Louis Couperin, want ik weet dat ik moeder daar een plezier mee doe. We bieden haar een kop koffie. En nog een. En nog een derde. Want een autorit van anderhalf uur met rukwinden over de Afsluitdijk is geen sinecure. Als we de auto van moeder de straat uitzwaaien haal ik opgelucht adem. Nog even en ook de Tweede Kerstdag van 2015 behoort tot het verleden.

 

 

Advertisements
This entry was posted in jazz, music, Persoonlijk, persoonlijk and tagged , , , , , , , , . Bookmark the permalink.

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s