Roma, dag 3, villa Borghese

IMG_0065.JPG

Rome, Via Tiburtina, 21:45, dag 3. Ik zit met vermoeide voeten aan het aanrecht in onze keuken. Het glas op de vloer is eindelijk weggeveegd door de schoonmaker, die blijkbaar niet iedere dag wordt ingezet als de gasten langer verblijven. De bedden zijn opgemaakt en de volle prullenbak is geleegd. Ik ben er vandaag achter gekomen dat mijn C &A- kunstlerenschoenen geen wandelschoenen zijn. Ik liep halverwege de dag al als een mankepoot langs het parlementsgebouw en het Pantheon. Vrouwen hielden hun tasjes angstvallig bij zich en bedelaars keken dwars door me heen naar de eerstvolgende passant.

Woensdagavond. Nog een volle dag Rome voor de boeg. Ik luister naar de in 2006 overleden Italiaanse jazzpianist Romano Mussolini (jongste zoon van Il Duce). Misja leest Rosita. Vanochtend werd ik met tegenzin wakker geschud. Misja wilde deze keer vroeger de deur uit dan gisteren. Ben ik dan toch meer een avondmens dan mijn nachtvlindertje? Slaapdronken kleedde ik me aan en liep ik naar de badkamer en poetste mijn tanden. Eenmaal terug op bed haalde ik de museumpapieren van het nachtkastje. Galleria Borghese. 12.00 AM stond er op mijn uitgedraaide mailbericht. Ik veerde geschrokken op. Ik had toch voor 17:00-19:00 gereserveerd? Op pagina 3 las ik: 17:00 IN, 19:00 OUT. Ik zakte gerustgesteld terug in het kussen. Misja, die de bui al zag hangen, trok me aan mijn t-shirt. “We gaan zo schat, we willen nog meer doen, en voordat je het weet is de dag voorbij. Bovendien hebben ze nu waarschijnlijk nog verse koffie beneden.” Tegen zoveel overtuigingskracht kon ik niet op. Ik liep achter mevrouw aan de trap af en tapte hete koffie in een hardplastic blauwe beker. De koffie was zo sterk dat ik meteen aandrang kreeg om te ontlasten. We namen de beker mee naar onze kamer en daar deed ik in de badkamer wat mij te doen stond terwijl Misja de kaart nogmaals bestudeerde.

We namen de bus naar StazioneTiburtina en kwamen daar in een koffie- en sigarettenbar op adem met een verrukkelijke caffe latte en een met Nutella gevuld broodje. Opgemonterd liepen we (slechts in t-shirt en spijkerbroek gehuld) het station in en namen de metro richting Laurentina. Op halte Colosseo stapten we uit en toen we de halte uitliepen zagen we de kolos van Vespasianus al staan. We namen plaats op de rand van een muurtje langs het trottoir van de Via N. Salvi. Achter ons bevond zich de heuvel die we wilden beklimmen om vervolgens de Domus Aurea, het paleis van Nero, te kunnen betreden. We rookten een sigaret en zagen een Nederlands gezin, twee donkerblonde ouders en twee hoogblonde puberdochters, met huurfietsen stoeien. Ze werden links en rechts ingehaald door druk toeterende taxi’s en andere onverantwoorde weggebruikers. We liepen hoofdschuddend de trap op naar de Via Terme di Tito en even later liepen we over de Viale Del Monte Oppio. We liepen het park in. We zagen dat er druk gewerkt werd. Aan de linkerzijde zagen we de thermen van Trajanus, aan de rechterzijde overblijfselen die we zo snel niet konden thuisbrengen. We liepen de Colle Oppio over en draaiden langzaamaan weer bergafwaarts richting Colosseum om er even later achter te komen dat de restauratie van Domus Aurea nog “werk in uitvoering” is. Hekken en ander afzetwerk belemmerden ons bezoek aan dit door Nero’s opvolgers volledig weggemanoeuvreerde megalomane bouwwerk. Ontevreden namen we op een door steekvliegen druk bezocht bankje plaats om ons eerste blikje Cola Light van de dag te nuttigen terwijl verderop een kersvers echtpaar trouwselfies nam, met een glimp van het Colosseum op de achtergrond.

Na het blik geleegd te hebben liepen we over de Via Claudia naar de Celimontana. We liepen onder de Arco di Dolabella door naar de Santi Giovanni e Paolo. Langs (aan beide zijden) hoge muren waar de toppen van citroen- en sinaasappelbomen hun halfrijpe vruchten aan ons toonden bereikten we de kerk die is gebouwd op de plek waar ooit het huis stond van twee Christelijke martelaren, de Romeinse officieren Johannes en Paulus. Enfin, de geschiedenis zal ik u onthouden. In de kerk hield een Amerikaanse frisse grijsaard in gedempte toon een hartstochtelijk betoog over het ontstaan en de architectuur van de kerk aan zijn lacherige studenten. Misja luisterde geïnteresseerd en volgde het gezelschap toen het een ander vertrek in wandelde. Ik las in mijn Eyewitness Travel-boek over de geschiedenis van de kerk toen Misja mij dwingend verzocht haar te volgen. Bij het binnengaan van het zijvertrek zag ik een prachtige glazen kist met een heilige erin. De docent had de vaart er goed in en ik had geen tijd om me te verdiepen in deze ruimte en ook nu moest ik Misja snel achterna. Goddank was de docent nergens meer te bekennen. De leerlingen liepen doelloos rond. Ik nam het heft weer in handen. We liepen naar een ronde ruimte waar de bustes van 5 pausen in nissen waren geplaatst. Hier konden we een minuut van genieten en toen begon het bij ons beiden weer te kriebelen. We liepen langs de betweterige Amerikaan, die plotseling in het Italiaans bij de koster informeerde naar de openingstijden van de crypte (een Christelijke begraafplaats uit de 2e/ 3e eeuw onder de kerk). Hij groette ons vriendelijk in het voorbijgaan en even later kon hij zijn studenten buiten vertellen dat de crypte op de woensdag gesloten was. That’s life. IMG_0270.JPG

Mies en ik liepen nog even het park in en namen plaats op een bankje. Felgroene parkieten vlogen over ons hoofd van palmboom naar palmboom. De zon bescheen het gras en de paden. Een oude, verdwaalde herdershond rook aan de stam van een den. Op een bankje even verderop las een bejaarde Romein een beduimeld boek over kunsthistorie. Misja ging liggen en legde haar hoofd op mijn schoot. “Dit is het paradijs” zei ze en ze viel bijna in slaap. Ik bood haar een blikje Coca Cola Light aan. Twee minuten later liepen we naar ons volgende doel: de San Gregorio Magno. Een kerk die alleen via een vrij hoge en slecht onderhouden trap bereikt kan worden. Na het betreden van de geschonden trap liepen we de poort door naar de door muren omgeven buitenruimte voor de kerk. Ik zag de bustes en grafmonumenten van hooggeplaatste priesters. Een soort mausoleum. Alle toegangsdeuren waren gesloten. Ergens aan de muur aan de rechterzijde zag ik drie deurbelknoppen. Ik durfde niet aan te bellen. Wederom teleurgesteld liep Mirosjabin de trappen weer af richting Metrohalte Circo Massimo. Daar stapten we in de metro richting Termini om vervolgens tramlijn A te nemen. Bij de Spaanse Trappen zagen we het daglicht weer.
Ik had Misja beloofd dat ze de Zara mocht bezoeken. We liepen over de Via Condotti, waar een zakdoek 300 euro kost een zwerver met bedelen minimaal 2000 euro netto per maand verdient en een gemiddelde winkel per dag niet meer dan 3 klanten telt, naar de Via del Corso, de grote winkelstraat van Rome. Misja was hongerig en wilde graag naar een McDonalds. Deze was in geen velden of wegen te bekennen. We liepen op een gegeven moment wat doelloos heen en weer totdat Mies een H & M ontdekte. Ze liet me achter op het kerkplein ernaast en daar ontdekte ik in mijn reisgids de culturele schatten die deze buurt ook te bieden heeft. Ik nam plaats op de stoeprand, aangezien het stenen bankje bezet werd door een groep venijnige Aziaten. Na bijna te zijn overreden door een taxichauffeur die zijn auto precies op mijn zitplek wilde plaatsen, arriveerde Misja met haar tasje van de H&M.

We liepen verder naar de Zara. Daar lieten we elkaar wederom in de steek. Nu voor een uur. Ik slenterde over de Via del Corso, maar ongemerkt liep verliet ik de straat en even later stond ik in de San Ignazio di Loyola, een supermarkt, de Santa Maria sopra Minerva, fotografeerde ik het olifantje van Minerva en stond ik in de rij voor het Pantheon. Ik kreeg echter pijn in mijn been (dat heeft te maken met het feit dat mijn schoenen niet geschikt zijn om een dag op te wandelen). Ik strompelde vervolgens langs hordes carabinieri en toeristen, het parlement en over het Piazza Colonna verder naar de Zara. Ik wachtte 5 minuten en plotseling stond Misja voor mijn neus’ “Ik sta hier al vijf minuten aan de rechterkant!”‘ Ik zat aan de linkerkant. We namen een bus naar de Via di Porta Poinciana en een prettige rit later zaten we op een bankje naast een fontein in de Villla Borghese. Ik liep naar de kelder van de Galleria en haalde er mijn gereserveerde kaarten op. Om 17:00 uur betraden we de trap naar de tempel van Bernini en Carravagio. De verbazing van mijn bezoek uit 2010 werd vervangen door mijn huidige ervaring. Wat een onevenaarbare kunst. Ook Misja kon het niet bevatten en viel bij tijd en wijle stil bij alle weelde. Ook Rubens en Honthorst waren aanwezig. Na een uur hadden we het wel gezien en vertrokken we naar de straat. De bushalte in tegenovergestelde richting was opgeheven. We liepen dus maar langs het park. En het wandelen deed me steeds meer pijn. Uiteindelijk vonden we een trap die ons leidde naar het ondergrondse. Langs een klein winkelcentrum en een sportcentrum liepen we trapje na trapje steeds lager totdat we het Metro-teken zagen. Piazza Spagna! Enkele roltrappen en schuine schuiftrappen (u kent ze wel van Schiphol: “Mind your step!”, maar dan schuin naar beneden) later arriveerden we behoorlijk diep onder straatniveau bij de metrohalte. We reden in een bomvolle metro richting Termini. Daar stapten we een niveau hoger over op tramlijn B richting Rebbibia. Drie haltes later arriveerden we op station Bologna. Toen we de halte uitliepen zagen we dat het inmiddels avond was. De avond maakte de stad donker en onduidelijk. We liepen over de rotonde van Piazza Bologna en 360 graden later troffen we de straat die we in wilden lopen. Met het bloed in de schoenen liepen we van fout naar verkeerd en bereikten uiteindelijk een goedkope supermarkt en een goede pizzeria. In de pizzeria ontmoetten we een stel ongemanierde Polen die hun gebrek aan manieren wilden compenseren met een glas Cognac, een kaasplankje en een schotel met oesters. Misja legde hen even later uit hoe ze de oesters moesten eten.

Enfin, de details vertel ik u een andere keer. Het is inmiddels weer over twaalven en het is tijd om te gaan slapen. Door de luidsprekers klinkt “Solitude” door Duke Ellington. Klinkt toch stukken beter dan Mussolini….Misja draait zich nogmaals om.

Advertisements
This entry was posted in Uncategorized and tagged , , , , , , , , , , , , . Bookmark the permalink.

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s