Adolfs kus

IMG000238Zaterdagavond 21.45 uur. Misja ligt in ons bed op de eerste verdieping tv te kijken terwijl ik op de begane grond mijn vingers en armen moe speel op de piano. Improvisaties op thema’s van Schumann, Lutoslawski en Britten. Het kan niet op. Een schrijver heeft ooit de inspanning van een concertpianist vergeleken met de krachtsinspanning van een gemiddelde verhuizer. Ik geloof hem wel.

Ik ben moe van het spelen en heb van ellende de 9e symfonie van Shostakovitch op de draaitafel gelegd. Ik ben even klaar met Aaron Copland en Samuel Barber. De Amerikaanse oppervlakkigheid moet terug in de kast.

We hebben vandaag Amsterdam niet bezocht. Vanochtend lag het Parool op de mat. De krant waarschuwde ons voor allerlei afzettingen en veiligheidskordons rondom de hotels van de buitenlandse politici die dit weekend onze hoofdstad aandoen. Aangezien alle residenties zich bevinden in de nabijheid van de door ons te bezoeken Amsterdamse musea zijn we in Haarlem gebleven. We begonnen tegen 14:00 uur in het aquarium naast de V&D. Een nieuwe koffiezaak heeft zich gevestigd onder de klok van oud-burgemeester Pop. De dame en heer achter de bar observeerden zenuwachtig de arriverende bezoekers. De kelner, die veel weg had van de kalende acteur uit de Lama’s en BNN-serie Smeris, bracht ons een perfect bakje cappuccino en een minuut of tien later een half-ontdooide kaascake. Een afgetrainde meneer van een jaar of zestig, die met zijn stoïcijnse blik en duffelse jas zo leek te zijn weggelopen uit een roman van Elschot, zat naast een mannelijk geklede negroïde vrouw van tegen  de dertig en bestelde voor hen samen een glas muntthee. Ik fantaseerde over hun relatie totdat Misja me toesprak en me maande om af te rekenen. Na het afrekenen gingen we ieder ons weegs. Ik haalde bij De Blokker een mobiele telefoonstandaard en een koptelefoon in de aanbieding en ging via de Kringloopwinkel (alwaar een drietal in slechte staat verkerende piano’s mijn vingers op de proef stelden en een viertal boeken mij tot een aankoop dwongen) richting de Grote Markt.

Ik nam in Grand-café Brinkmann plaats op het balcon op de eerste verdieping en zag dat het goed was. Op tafel plaatste ik mijn nieuwe telefoonstandaard en plakte er mijn smartphone op. Dandieus wreef ik met mijn rechterarm over mijn stoelleuning met de wijsvinger van mijn linkerhand over het scherm. Even later klonk het album “Django” van de besnorde Charlie Brown- pianist Vince Guaraldi door de koptelefoon. Een HEMA-uitgave van een werk van Luigi Pirandello lag op mijn lessenaar. Een verhaal van een vader die zijn dochter uithuwelijkt aan een hoogbejaarde, levenslustige heer in de hoop dat de laatste snel zal sterven en zijn dochter er met de erfenis vandoor gaat. Uiteraard loopt het allemaal anders. En wat jammer dat de HEMA zich tegenwoordig niet meer bezighoudt met Nobelprijswinnaars.

Tien over vier verscheen Misja op het balcon van Brinkmann en bestelde een cappuccino. We lachten elkander toe en even later klierden we elkaar in de drogisterij. Misja irriteerde zich aan mijn gedrag. Ze stuurde me de straat op alwaar ik een sigaret aanstak en de passerende meisjes observeerde. Even later liepen we tezamen naar onze favoriete pizzeria. Helaas was de zaak nog gesloten en hadden we een kwartier over. Een gebrild gedrocht van een man liep langs en riep van ‘kut’ en ‘lul’. Ik keek vol bewondering naar deze levenskunstenaar en dagdroomde over een leven zonder verantwoordelijkheid. Een minuut later was het 17.00 uur en liepen Mies en ik richting Pizzeria. We werden hartelijk ontvangen en we aten en dronken naar hartenlust. Even verderop zag ik een kalende heer en zijn vetgevreten bebrilde  in strakgeborduurde vest gehesen vriendin.

Enkele minuten voordat het heerschap dat onze tafel had gereserveerd zou verschijnen verlieten Misja en ik het etablissement. Ze liet het damestijdschrift op haar stoel liggen. Misja en ik liepen richting bus. Halverwege pizzeria en bushalte werd Misja aangesproken door de serieuze verkoopster van de stijlzaak (die we passeerden).  Ze riep haar toe: “kom alsjeblieft weerom Misja!”. Ja, Misja heeft stijl lieve mensen! “Meisje, je hebt het koud!” zei de vrouw schrikachtig terwijl ze haar deur sloot. Misja was met haar neplederen jas veel te koud gekleed voor dit prille voorjaar. We liepen vlug naar de bushalte. De bus arriveerde een minuut later. Ik trad naar binnen en Misja ook. Helaas moest mijn metgezel de bus verlaten omdat ze te weinig tegoed op haar OV-kaart had staan. Ik zwaaide mijn wederhelft toe terwijl de lafhartige chauffeur Misja in de kou liet staan. Eenmaal thuis aangekomen legde ik de koopwaar neer en zette me op de stoel achter het klavier.

De rest weet u inmiddels. Toch?

Advertisements
This entry was posted in Uncategorized and tagged , , , , , , , , , , , , , . Bookmark the permalink.

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s