Parijs: Het Hoogtepunt

foto(verslag van vijf dagen parijs met mijn elfjarige dochter f., een mp3-speler, een nintendo en 30 euro beltegoed)

25 februari. 15:30 6 Bis Rue du Chevalier de la Barre. Tijd voor een middagdutje. Het lukt niet. Op de achtergrond Dexter Gordon en de Nintendo DS van F.
Parijs, wereldstad. We hebben een bezoek gebracht aan de Eiffeltoren. Sinds 1889 het hoogste uitkijkpunt van Parijs: een metalen constructie met een gewicht van 7300 ton (aldus mijn toeristengids). Het symbool voor Parijs is tegenwoordig het podium voor militairen van een jaar of twintig met mitrailleurs en rode baretten, zigeunervrouwen die te beroerd zijn hun bedelverzoeken op papier mondeling toe te lichten en Afrikanen die replica’s van de toren aan de onoplettende  toerist proberen te slijten (even verderop staan de torentjes in een kiosk voor de helft van de prijs). Commercie. Bah.
Een chagrijn achter de kassa int 20 Euro. En waarvoor? Een half uur in de rij staan om vervolgens een propvolle lift (één van de drie) ingeduwd te worden. Wachten en wringen en dan weer een half uur in de rij voor de lift naar de top. Japanners en Italianen met grote fotocamera’s met grote lenzen die voor je staan om elkaar te fotograferen. Een stad zonder toekomst moet op deze manier wel tonnen per dag verdienen aan de monumenten uit het verleden. Na een tour de force op de Eiffeltoren lopen we over de boulevard naar de metro terug om vandaar richting Arc de Triomph te reizen. Alletwee hadden we last van vermoeidheid. Het zal ook wel iets met deze stad te maken hebben. De stad van licht en romantiek zuigt een mens al snel leeg zodat je aan het eind van de dag wel sterren móet zien.

De Arc de Triomph, gezien vanaf Rue Grande Armée. Verkeerde kant (voor ons). Dus vervolgens een kwartier ondergronds lopen om de juiste kant te bereiken: de Champs Elysee. Ik word niet goed van de verwijzingen naar (voorbije) oorlogen, het militarisme.
Even later lopen we over de Kalverstraat van Parijs.

Nog meer afzetters. De McDonalds maar weer in. Verderop wat zogenaamde Megastores in waar ik me behoorlijk opgelaten voel. Mensen leven hier in zorgvuldig bedachte patronen. Als men ze verlaat heeft men een probleem. Beangstigend. Orwell, 1984. In de Disneyzaak gaat het mis. Ik ga even op de trap zitten om mijn sjaal in mijn tas te doen. Het is inmiddels redelijk warm geworden, de zon schijnt zelfs! De aanwezige bewaker – in elke ruimte staat er één- vraagt me in het Frans om op te staan. Ik begrijp mensen die me bevelen überhaupt slecht en blijf dus zitten. Even later vraagt de klerenkast me wederom om op te staan. Ik heb al een smoes klaar over mijn rugpijn en een klacht over de afwezigheid van een fatsoenlijke stoel in de winkel als de man begint te lachen. Hij merkt dat ik geen Fransman ben. Dan is het goed. Ik zie de humor er niet van in en ik word plots overvallen door een gevoel van onbehagen in deze Donald Duckstad (waar is DD eigenlijk in de Disneywinkel?).

Even verderop worden we uitgescholden door een bestelbuschauffeur als we het zebrapad oversteken. Ik sta op het punt om terug te gaan schelden, maar houd me in. Ik ben niet alleen hier.

Het is woensdagavond 19:40. We komen net van de markt hier drie straten verderop. Een zwarte avondmarkt. Eerder vanavond zijn we naar de pizzeria geweest, wederom in Q Latin. Metrolijn 4 begint inmiddels redelijk bekend te worden. Er wordt flink zwartgereden in de metro. Het komt regelmatig voor dat iemand zich net achter je de deurtjes doorwurmt. Anderen gaan naar binnen via de uitgang. Het valt me op dat het met name de Afrikanen zijn die dat doen. Ik verklaar F. hieruit de naam zwartrijden (uiteraard is dat slechts een grapje).
Goed. Een pizzeria met ons tweeën. Ik heb vooral aandacht voor de overige gasten (F. trouwens ook). Twee Amerikaanse stellen nabij de ingang: twee kalende bebrilde jongens en twee modieus (ben ik in staat om dat te  zeggen?) geklede vrouwen. Een tafel dichterbij ons zit een Duitse student met twee vrouwelijke leeftijdsgenoten. Ze drinken moeiteloos een fles witte wijn leeg.

F’s beltegoed is op. Afgelopen 48 uur heeft ze er 29 euro doorheengejaagd. Nu staat de teller op 1. Ik heb haar mijn telefoon geleend toen ze bovenop de Eiffeltoren stond om haar moeder te bellen. Ze ontvangt nog wel SMS’jes. O.a. van een vriendin uit Nederland die weet te melden dat er te Schiphol een vliegtuig is neergestort. We lezen hier geen krant, Internet is gereserveerd voor het lezen van mails en de televisie op de hotelkamer brengt slechts Frans nieuws. Toch hebben we nieuws ontvangen.

Ik ben inmiddels verliefd geraakt op honderden Françaises. Het kost me moeite mijn ogen van ze af te houden. F. wijst me terecht. Daar heb je een dochter voor.

Sacré Coeur, Montparnasse (stukje) Notre Dame, Eiffeltoren, Arc de Triomph, Place de la Concorde hebben we inmiddels gehad. Morgen de rustdag, tevens de laatste hele dag in Parijs. Père-Lachaise staat op het programma. Memento Mori.

Advertisements
This entry was posted in oud-vkblog-2009-03. Bookmark the permalink.

2 Responses to Parijs: Het Hoogtepunt

  1. landheha says:

    zeggen dat het land geen toekomst heeft met die francaises…

  2. sjaal says:

    @ Ahwel, daar gaan we inderdaad onderuit.

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s